Poppen
In de loop van de tijd zijn er allerlei soorten poppen gemaakt.
Poppen voor het theater, poppen als mascotte, poppen voor in de kerk, poppen als modevoorbeeld. Slechts een klein deel was voor kinderen bestemd. Poppen waren speelgoed voor meisjes met de bedoeling, hen voor te bereiden op het moederschap. |
In de 15de eeuw waren er in de bosrijke streken rond Neurenberg ambachtslui die zich bezig hielden met het maken van houten poppen. In het voorjaar trokken de mannen met bundels poppen op hun rug langs kermissen en jaarmarkten.
De Duitse poppen werden door heel Europa verkocht en via Nederland met scheepsladingen naar Engeland uitgevoerd waar ze bekend werden onder de naam 'Dutch Dolls', |
| |
|
Een opstelling van verschillende poppen uit de jaren 1880-1920. De karakteristieke hoofdjes werden gemaakt van buiscuit-porselein ,dat slechts eenmaal gebakken is en ongeglazuurd. De levendige ogen werden uit glas geblazen.
De fabrikant voorzag kostbare exemplaren van een signatuur. Ook kledingstukken zoals schoentjes werden soms gesigneerd. (Collectie Ilona Schenke )
|
Nog in de 18de eeuw lag het verschil in waarde tussen de ene en de andere houten pop meer in de kwaliteit van de kleertjes en de pruik dan in het gebruikte materiaal voor de pop zelf .Tegen het eind van de 18de eeuw kwamen er speelpoppen van was op de markt. Met name de Italianen, die al eeuwen wassen poppen maakten voor kerstgroepen en andere religieuze doeleinden, waren meesters in het werken met dit materiaal. Beroemde families van poppenmakers zoals de Montanari's er de Pierrotti's emigreerden naar Engeland en wierpen zich op de fabricage van speelpoppen. De poppen waren levensecht met van glas geblazen ogen en één voor één ingeplante hoofd en wenkbrauwharen.
Papier-maché en porselein
Veel eenvoudiger van uitvoering waren de poppen van papier-maché. Hele gezinnen zaten papier te kauwen en in vormen te duwen. De samenstelling van dit materiaal was niet altijd even zuiver waardoor veel van de vroege papier-maché popjes barsten vertonen. De kwaliteit werd beter toen men het papier ging mengen met kalk of meel en stijfsel. Het gedroogde papier-maché werd beschilderd.
Om het levensechte effect te verhogen maakte men wel ogen van stukjes glas en tandjes van bamboe. |
| |
Nadat in de loop van de 18de eeuw de vervaardigingstechniek van porselein bekend werd, kwamen er ook porseleinen poppen. De glanzend geglazuurde koppen en schouders werden aan lijfjes van lappen of leer bevestigd. Om het gewicht en daarmee de invoerrechten te drukken, werden in de koppen gaten uitgespaard. Over de openingen werd een pruikje bevestigd.
Veel natuurlijker dan het kille glanzende porselein waren de koppen van biscuit (ongeglazuurd porselein). Omstreeks het midden van de 19de eeuw werden deze koppen nog nauwelijks beschilderd.
Vanwege hun blekeuiterlijkworden ze aangeduid met de Engelse term parian (parain ware = wit porselein)
Gaandeweg begon men meer aandacht te besteden aan de beschildering van ragfijne ooghaartjes,sierlijke wenkbrauwen en een levensechte gelaatskleur.
Tegen het eind van de 19de eeuw waren er bedrijven die gigantische aantallen vaak bijzonder fraaie poppen afleverden. Het nadeel van porseleinen poppen bleef het gewicht en de kwetsbaarheid.
Vroeg of laat kwam het drama dat de pop viel,of dat de elastieken die de pop bij elkaar hielden,knapten en de kop in stukken op de grond rolde.
De komst van rubber en celluloid betekende dan ook een ware omwenteling in de poppenindustrie.
In Amerika werden onder meer de in 1912 ontworpen 'Kewie'-poppen van rubber gemaakt.
Rubber, dat al vanaf het midden van de 19de eeuw voor poppen werd gebruikt, kon gewassen en gebogen worden. Celluloid was licht, maar had aanvankelijk het nadeel dat het sterk verkleurde.
Na de Tweede Wereldoorlog veroverden ook in de poppenindustrie plastic en vinyl de markt. |
| |
|
Poppenmakers
Eén van de charmes van vroeg 19de -eeuwse poppen is hun grote verscheidenheid. Het is bijna onmogelijk twee gelijke poppen uit die tijd te vinden en dat is te begrijpen, want het poppen maken vond plaats in kleine familiebedrijfjes. Iedere familie
had eigen, zorgvuldig bewaarde mallen.
De industriële revolutie ging aan de poppenfabricage niet voorbij ,in de tweede helft van de 19de eeuw ontstonden, met name in Duitsland en Frankrijk en later ook in de Verenigde Staten, poppenfabrieken met producties van soms tienduizenden poppen per jaar. Aanvankelijk kochten dergelijke firma's de mallen op van kleine bedrijfjes die de concurrentie niet konden volhouden. Maar al
spoedig werd er met eigen vormen gewerkt en was er sprake van genummerde series. Sommige bedrijven specialiseerden zich in het toeleveren van pruiken, rompen of kleertjes.
De concurrentie was scherp. Men was voortdurend op zoek naar nieuwe modellen met als resultaat bijvoorbeeld baby en kinderpoppen en exotische poppen. Technische vondsten zoals kogelgewrichten, slaapogen en spreekmechaniekjes werden meteen toegepast. De mallen wist men te perfectioneren dat in het geopende mondje de tong en de tandjes zichtbaar werden. Het publiek was verrukt en de oude poppen met gesloten mondjes werden niet meer verkocht. Het gevolg is dat een pop met een gesloten mondje nu zo zeldzaam is dat verzamelaars er hoge prijzen voor geven.
De Duitse poppen waren over het algemeen goedkoper dan de Franse. Eén der bekendste Duitse firma's was Simon en Halbig. Dit bedrijf vervaardigde tussen 1870 en 1880 massa's poppenkoppen van beschilderd biscuit en na 1880 realistische damesachtige poppen met ingesnoerde taille, opgeduwde boezem en een kapsel volgens de laatste mode.
De Franse firma Jumeau was één der eerste die behalve nauwkeurige kopieën van modieuze volwassenen ook kinder en zelfs babypoppen maakte.
De uit een porseleinfabriek in Montreuil ontstane firma groeide omstreeks 1890 uit tot een groot concern. Men a een eigen glas blazerij waar de ogen werden vervaardigd en ateliers waar vrouwen de hele dag niets anders deden dan wenkbrauwen
of oogharen schilderen. Jumeau bracht in 1885 een mechaniekje op de markt, waarmee met een haakje de ogen konden worden bewogen gevolgd door slaapogen met een kogelgewricht je in 1897.
De poppen waren smaakvol gekleed en gekapt en ook de verpakking, beklede dozen met linten er om, was tot in de puntjes verzorgd. Een echte Jumeau was de droom van ieder meisje en is nu een pronkstuk voor de verzamelaar.
Een opmerkelijke Amerikaanse poppenmaker was Albert Schoenhut, afkomstig uit Duitsland en telg uit een oud poppenmakersgeslacht. Schoenhut werkte met hout maar op een moderne manier.
Het materiaal werd machinaal gedraaid of gesneden en vervolgens in de gewenste vorm geperst.
De geschilderde onderdelen waren met metalen gewrichten zo aan elkaar bevestigd dat de popjes in iedere gewenste stand gezet konden worden.
De Schoenhut-poppen maken nog altijd een verrassend moderne indruk, met name het Humpty Dumpty circus uit 1903 met clowns, dieren en een circustent. |
Moederliefde
In de jaren tussen de beide wereldoorlogen kreeg de pedagogie vat op het spelen met poppen. De overtuiging groeide dat een pop een uitstekend hulpmiddel was voor het aanleren van moederliefde. Er werden poppen gemaakt die niet alleen het uiterlijk en de grootte van een baby hadden maar ook het gewicht. Omdat de met zand gevulde poppen wel wat Zwaar waren voor een kind, werd dit idee weer verlaten. Andere poppen kregen exact het uiterlijk van een kleuter met eigentijdse kleding.
Na een tentoonstelling in een Berlijns warenhuis in1910 ,werden de poppen van Kathe Kruse zeer bekend. Ze nam de gezichtjes van haar eigen kinderen als voorbeeld. De handgemaakte poppen hadden stoffen hoofden die werden behandeld met een materiaal waardoor ze afwasbaar werden. De Kathe Kruse poppen en werden gemaakt om mee te spelen maar ook om als etalagepoppen te dienen.
Geheel anders van aard waren de in de jaren dertig zo geliefde sofapoppen. Het waren modepoppen van fluweel ,kunstzijde,en andere stoffen of gekleed als Pierot met pruilende mondjes en flirtogen. Ze werden gemakt door de omstreeks 1860 opgerichte firma Cad Valley,die na de tweede wereldoorlog voortging met het vervaardigen van stoffen poppen,naar het voorbeeld van film en televisiefiguren zoals de Peter Pan en de Barbapappa's. Ook in de moderne plastic industrie ziet men kans om smaakvolle poppen te ontwerpen zoals blijkt uit de in Zwitserland ontwikkelde Sasha en de door de Engelse firma Pedigree Dolls na uitvoerige studies in productie gebrachte First Love. |
| |
|
Vijf aandoenlijke meisjespoppen op een rij. Links een Mein Liebling van Simon Halbig met blauwe flirtogen en een open mondje met tandjes. Daarnaast een pop gemaakt door het Franse bedrijf Rabery Delphieu rond 1885. In het midden een Russin van Jumeau,waarvan de schoentjes gemerkt zijn met 9 Paris déposé. Dan de Bahrensproschildpop uit 1890 met een gesloten mondje en vaste geblazen ogen. Tenslotte een Jumeau pop uit 1885 met een zogenaamde marrote op een stokje. Deze marotte ,gemaakt door Armand Marseille in 1895 ,laat een muziekje horenals hij rond gedraaid wordt.
|
Popen om naar te kijken.
Veel poppen zijn niet gemaakt om mee te spelen. Dat is bijvoorbeeld het geval met de modepoppen. Al in de middeleeuwen werden vanuit Parijs levensgrote poppen naar Europese vorstenhuizen gestuurd.
In de 18de eeuw werd de mannequinpop een ware rage. Ieder die het kon betalen om voortdurend wisselende mode te volgen,liet vanuit Parijs poppen of mannekens opsturen,die in een handzaam formaat door een aantal firma's werden geleverd. Het opzijn Frans uitgesproken manneken werd mannequin .Het was mogelijk een soort abonnement te nemen zodat men ervan verzekerd kon zijn ,steeds van de laatste modesnufjes op de hoogte te worden gebracht. Er waren ook dames die vanwege de hoge kosten gezamenlijk mannequinpoppen bestelden die dan circuleerden.
De poppen gaven niet alleen inzicht in de ontwikkeling van de kleding, ook kapsel en schoeisel waren bij de tijd. Toen de modeprenten allang bekend waren, bleven de mannequinpoppen nog bestaan omdat veel dames de voorkeurgaven aan ,
een pop, waarvan je de kleding aan alle kanten kon bekijken en ieder plooitje en naadje kon onderzoeken. Wanneer de pop zijn dienst had bewezen, werd deze verder als sierpop bewaard. Soms liet men daarvoor door een timmerman een poppenkastje of poppenhuis maken.
Toen door de uitvinding van de lithografie het drukken van {gekleurde) prenten eenvoudiger werd, verschenen de papieren aankleedpoppen.
Zij waren aanvankelijk niet bestemd voor kinderen maar voor volwassen dames die hoedjes, mantels en japonnen konden uitknippen en daarna eindeloos varieerden totdat ze hun keuze hadden bepaald. Een aparte categorie vormen de portretpoppen. In de 18de eeuw liet men kunstenaars poppen maken met in was gemodelleerde koppen die leken op familieleden van de opdrachtgevers.
In de 19de eeuw werd het mode om poppen te maken die bekende personen voorstelden, bijvoorbeeld koningin Victoria of de zangeres Jenny Lind die in de westerse wereld furore maakte als de 'Zweedse Nachtegaal'. In de 20ste eeuw werden de
poppenfabrikanten geïnspireerd door filmsterren wals Charlie Chaplin en Shirley Temple. Zeer in trek maar uiterst kostbaar waren de bewegende poppen. |
| |
Ingenieuze mechanieken
De 18de-eeuwse poppenmakersfamilie Jacquet Droz zag kans om met behulp van ingenieuze mechanieken poppen te maken die konden schrijven, fluitspelen of tekenen. Omstreeks 1820 kwamen de poppen die 'pappa' en 'mamma' konden zeggen en toen Edison zijn fonograaf uitvond, dacht hij als eerste toepassing aan een pop die kon spreken.
Geliefd verzamelobject zijn de 'peddlars'; marskramertjes voorzien van minuscule koopwaar die vanaf het begin van de 19de eeuw vooral in Engeland werden gemaakt. Ze werden meestal onder een glazen stolp geplaatst en pasten uitstekend in de
overvolle interieurs van die dagen. Omstreeks het midden van de 19de eeuw volgden de zogenoemde Parisiennes, niet te verwarren met mannequinpoppen, met tal van accessoires zoals sieraden,kapstellen, reisnecessaires, muziekinstrumenten en
speelgoed. In Parijs was een aantal firma's dat zich uitsluitend toelegde op het vervaardigen van deze voorwerpjes: Een moderne versie van de Parisienne Een ze is de in 1959 verschenen Barbie, gevolgd door Cindy, Skipper en tal van dergelijke poppen waarbij de accessoires belangrijker zijn dan de pop zelf.
Inmiddels zijn ook deze poppen antiquarisch geworden. |
| |
|